Federico Fellini, La Dolce Vita

In het vorige artikel heb ik beschreven hoe je de Anima (vrouwbeeld) van Fellini in zijn films kan herkennen. Aan de hand van verschillende filmfragmenten bepreek ik daar twee van zijn eerdere films: La Strada en Le Notti di Cabiria. In deze films is de hoofdrolspeler een vrouw die weinig kracht vertoont en zich laat overmeesteren door de mannen die ze tegen komt.

In dit artikel zal ik ook weer gebruik makend van een aantal film fragmenten laten zien hoe zijn vrouwbeeld zich ontwikkelt en verandert. In de bekroonde film “La Dolce Vita” die ik deze keer bespreek laat de vrouw zich van haar andere kant zien. Hier is ze de Diva, de geïdealiseerde vrouw maar ook de seksuele vrouw.

La Dolce Vita

De film La Dolce Vita; “Het Zoete Leven” uit 1960 luidt voor Fellini een nieuwe periode in. Hij neemt met deze film afstand van het neo-realisme welke films over de randfiguren in de samenleving gaan. (zie Terugblik op Fellini - deel 1) Deze film, La Doce Vita kunnen we beschouwen als de eerste van een trilogie samen met Otto e mezzo (8 ½) en Giulietta degli spiriti (Guilietta van de geesten). Deze keer zullen we alleen La Dolce Vita bespreken, volgende keer zullen de andere twee aan de orde komen.

In de tijd dat Fellini deze drie films maakt, ondergaat hij zelf een psychologische proces. Hij heeft het gevoel geen inspiratie meer te hebben, vooral na La Dolce Vita kan hij geen letter meer op papier zetten. Als cineast en vooral script schrijver is zijn grootste angst dat zijn fantasie stopt.

La Dolce Vita speelt zich af in de jet-set van Rome, met in de hoofdrol Marcello, gespeeld door Marcello Mastroianni. Hij speelt in een aantal films van Fellini. Marcello is een Paparazzi journalist die eigenlijk schrijver wil worden. Hij wil zich verheffen uit het paparazzi milieu, maar wordt er steeds in teruggetrokken. In één van de eerste scenes zien we de Paparazzi aan het werk. Hoe de diva Sylvia, gespeeld door de Zweedse vamp Anita Ekberg, op het vliegveld van Rome aankomt.

Hier zien we meteen een heel ander beeld van de Anima. Hier is zij de diva, de goddelijke vrouw, Helena van Troye, aanbeden door de hele wereld. Zij is het ideaalbeeld van de man en van Marcello. Fellini heeft nooit onder stoelen of banken gestoken dat de hoofdpersoon in deze film en die van Otto e Mezzo autobiografisch zijn. Het is de vraag natuurlijk in hoeverre de scenes werkelijk autobiografisch zijn. Ook zijn zogenaamd autobiografische films Vitalloni (de nietsnutten) en Amarcord blijken scenes te bevatten die niet uit zijn eigen maar uit het leven van vrienden van hem zijn. Fantasie en werkelijkheid lopen bij Fellini duidelijk door elkaar, maar het gaat erom dat het zijn fantasie is en dus iets zegt over zijn geest, zijn ziele-weg, en zijn beleving in dit geval van de vrouw.

Verder met Marcello, hij voelt zich aangetrokken tot deze diva, deze “perfecte vrouw”. Hij noemt haar letterlijk: “moeder, zuster, minnares, vriendin, engel, duivel, aarde, thuis. Je bent thuis”, zoals in de volgende scene te zien is.

Sylvia stelt hier de vrouw voor in al haar hoedanigheden. Toch is zij geïdealiseerd. Zij is slechts een afspiegeling van de vrouw en zeker niet de werkelijke vrouw. Als een man wil dat zij aan zijn ideaal plaatje voldoet lukt het hem nooit zich met haar te verbinden.

Zo ook Marcello niet. Hij maakt dan ook voortdurend ruzie met zijn verloofde Emma, die hem verwijt dat hij steeds vreemd gaat, wat ook zo is. Hij verwijt haar dat ze hem verstikt. Met deze Sylvia wordt het ook niets, ze speelt met hem. Ze is kinderlijk, vluchtig en ongrijpbaar. Gedurende de verschillende scenes probeert hij haar iedere keer te zoenen, maar ze wendt zich steeds van hem af. Er wordt geen echte verbinding gemaakt. Misschien speelt zich dit ook in Fellini zelf af. Hij heeft een bepaald vaststaand beeld van de vrouw in het algemeen, een ideaal beeld; groot, blond en vooral grote borsten. Daarmee schaart hij zich onder de andere Italiaanse mannen uit zijn tijd. Daarnaast moet zij ook een moeder voor hem zijn.

Vlak voor de beroemde scene in de Trevi fontein in Rome zien we hoe ze ineens de rol van de voedende moeder uitbeeldt. Als Anima kent ze de weg!

Interessant is dat terwijl Sylvia in de fontein staat ze hem roept dat hij moet komen. Dan zegt Marcello iets wat denk ik belangrijk is. Hij zegt: “Ze heeft gelijk. We hebben ons overal in vergist.”  Wat bedoelt hij daarmee? Het moment dat Sylvia in de fontein staat heeft iets van het schilderij “de geboorte van Venus” van Botticelli dat in Florence in het Uffizi museum hangt.

De Ziel die hem roept

Aphrodite die uit het schuim van Poseidon, de zee wordt geboren staat bij de man voor het visioen van zijn Ziel die hem roept en vraagt te luisteren. Zij lokt hem het water in. Het leven blijkt niet zo te zijn als dat het wordt voorgespiegeld, het leven is een illusie, complete Maya. Wanneer hij de Ziel ziet in haar schuimende openbaring daar in het water van Poseidon, beseft hij dat het leven van alle dag; “la dolce vita” slechts een afspiegeling is van datgene wat zich diep in hem bevindt. Hij stapt in deze fontein met op de achtergrond het Neptunus beeld en begrijpt dat het om een dieper leven gaat dan wat hij tot nu toe geleefd heeft. Het is niet voor niets dat Fellini deze fontein als decor voor deze scene gebruikt. Op de achtergrond staat het beeld van Neptunus of Poseidon, uit zijn zeeschuim is Aphrodite immers geboren.

Als je de iconische scene beter bekijkt zie je dat Sylvia hem met water besprenkelt alsof ze hem doopt, hem inwijdt in het leven, hem uit de bron van het leven voedt net als ze het katje wilde laten voeden. Ze vraag hem werkelijk te luisteren; “Listen!” zegt ze. Dan biedt ze zich aan, maar stopt de fontein met stromen en is de betovering voorbij.

Waar gaat het hier over? Het gaat om het meest ultieme, de verschijning van de Ziel als een witte engel in haar eigen element, het water element. Venus wordt geboren uit het sperma van Uranus nadat hij gecastreerd is door Saturnus. Zodra het semen de golven van Poseidon, de zee aanraakt ontstaat uit het water dat begint te bruisen de Godin Aphrodite (“aphros” betekent ook schuim).

Het ultieme vrouwelijke wordt dus geboren uit de wrijving tussen Saturnus als god van de aarde en Uranus, als de god van de hemel. Op het moment dat het libido vrijkomt en in aanraking komt met het water van het onbewuste wordt de goddelijke inspiratie in de vorm van de hemelse godin Aphrodite geboren. Het is dus de Ziel die geboren wordt uit de wrijving tussen materie en geest.

Dit is wat Fellini waarschijnlijk heeft proberen uit te beelden in de Trevi Fontein met de Poseidon beelden. Hij staat daar als boven op zijn strijdwagen met wilde paarden die als golven voor hem uit draven. Rechtsboven op de fontein staat de maagd die de bron waar deze fontein op gebouwd is heeft aangewezen. Het gaat hier dus om een bron. Deze bron is van belang omdat hij in de volgende film (8 ½) weer naar voren komt.

Samengevat gaan de eerdere films over een simpele vrouw die zich laat misbruiken en weinig kracht in zich heeft om onder het juk van de man uit te komen. In La Dolce Vita komt het onbewuste met een compensatoir beeld: een vamp, een diva die als hemelse godin uit de hemel komt. Zij is gebiedend en zowel licht als donker. In de scene dat Sylvia uit het vliegtuig komt speelt ze zodanig met haar mantel dat die eerst helemaal wit is en daarna helemaal zwart. Ze is de moeder godin die over zowel dag als nacht heerst. Daarna geeft ze handkusjes maar maakt ook een gebiedende beweging waarbij ze “No!” zegt.

Marcello adoreert haar, maar kan haar niet krijgen. De scene na de Trevi fontein eindigt dat hij in elkaar geslagen wordt door de man van Sylvia terwijl hij door zijn eigen Paparazzi gefotografeerd wordt. Zijn illusie is voorbij, Sylvia is niet voor hem.

De vrouw als overweldigend

Fellini tekende de beelden uit zijn dromen en gebruikte ze later in zijn films. Er is een boek uit dat helaas zeer prijzig is waarin veel van zijn tekeningen staan (“Frederico Fellini, The book of dreams”). Hij hield van grote borsten en er staan een aantal tekeningen van voluptueuze vrouwen met opvallend kleine hoofden in. Deze doen mij onwillekeurig denken aan de oude moedergodin beeldjes die geen hoofd hebben en bijna alleen maar uit borsten,  buik en heupen bestaan. Staat symbool voor het leven-voortbrengende lichaam, het oerbeeld van de moeder

Blijkbaar ervoer Fellini de vrouw ook als overweldigend. Hij was door hen geobsedeerd en zijn hoofdpersonen worden dan ook regelmatig door de vele vrouwen om hem heen (seksueel) afgeleid. Dit is iets wat ook zich ook in de geest van Fellini moet hebben afgespeeld.

In zijn korte film die hij na La Dolce Vita maakte laat hij dezelfde Anita Ekberg als reusachtige pin-up van een poster af komen en dan de hoofdpersoon Dr Antonio bijna verzwelgt. “The temptation of Dr Antonio” gaat over de moralistische Dr Antonio die schande spreekt over het levensgrote reclame bord met daarop een afbeelding van een enorme schaars geklede vrouw met een glas melk voor haar. (ook hier wordt het voedende weer benadrukt zou je kunnen zeggen). Hij wordt heen en weer geslingerd tussen afschuw en fascinatie. Zo erg dat hij een hallucinatie krijgt waarin Anita Ekberg als reuzin van het reclame bord stapt en hem tussen haar borsten stopt. Als hij daar zo zit roept hij de namen van zijn tantes, waarover hij blijkbaar als kind geheime fantasieën had.

Deze zullen we zeggen ”geheime” fantasie zien we ook terug in de hilarische scene in zijn autobiografische film Amarcord:

Voor de jongen is deze ervaring zo verweldigend dat hij met koorts in bed beland.

Het archetype van de prostitué:

Terug naar La Dolce Vita. Na het avontuur met Sylvia ziet Marcello haar niet meer terug. Degene die hij wel gedurende de film regelmatig tegenkomt is Maddalena. Deze rijke brunette is zijn minnares. Hij komt haar in de film twee keer tegen. Ze hebben meer seks uit gewoonte dan dat er sprake van hartstocht is. De laatste keer neemt ze hem in de maling door net te doen alsof ze met hem wil trouwen, ze zegt: “Ik zou je trouwe echtgenote zijn en me als een hoer vermaken”. Af en toe probeert hij haar te bellen, maar dan neemt ze niet op of kan ze niet.

Sylvia stelt de geïdealiseerde en onbereikbare seksuele vrouw voor. Maddalena is de seksuele vrouw, zij is de vrouw die hij wel kan krijgen, maar die zich ook niet echt met hem verbindt. Haar naam verwijst ook naar het archetype van de prostitué.

In zijn films komt vaker de prostitué of seksuele vrouw terug. Ook dit beeld transformeert in de loop van zijn films. In de volgende video heb ik drie scenes achter elkaar gezet waarin het archetype van de hoer zich steeds meer ontwikkelt. In alle scenes bevindt ze zich op het strand. Het strand is voor Fellini het gebied van zijn jeugd en van de natuur, en dus ook van het driftleven zou je kunnen zeggen. Het is blijkbaar het gebied waar hij de vrouw of beter, zijn natuur tegenkomt. Het is tegelijkertijd het gebied van de zee, van de moeder en van Venus die ook uit de zee komt.

De eerste scene komt uit Amarcord (“Wat ik me herinner”) uit 1974 waarin “de hoer” wordt afgebeeld als een oversekste vrouw; Volpina waarmee jongens hun eerste ervaring opdoen.

De tweede scene komt uit Otto e Mezzo (8 ½) uit 1963 die we volgende keer gaan bespreken. Hier heet ze Saraghina (Sardientje), ze is voedsel uit de zee. Ze danst de rumba.

In de laatste scene uit Citta della Donna (“Stad van de vrouwen”) uit 1980 verschijnt een extravagante vrouw als een verfraaiing van Saraghina uit de vorige scene.

In eerste scene is de vrouw nog zo met het onbewuste verbonden dat ze alleen maar seks is.  Saraghina in de tweede scene is meer ontwikkeld. Ze maakt meer gebruik van haar vrouwelijkheid. De jongens betalen haar voor haar diensten: in dit geval het dansen van de rumba.

In de derde scene ook weer de jongens die haar bespieden, maar hier is zij een kunstuiting, zij is de exotische diva van het strand. Was Saraghina nog donker, hier is alles licht en gekleurd. Dit is in 1980 en Felinni heeft hier het archetype van de Hoer met Aphrodite, de godin van de kunst verbonden. Ook hier weer de zee op de achtergrond. Ze loopt terug waar ze vandaan komt.

Het meisje van de zee

In La Dolce Vita is Fellini nog niet in staat deze twee met elkaar te verbinden. Op een gegeven moment in de film zien we Marcello ook weer op het strand waar hij tracht te schrijven. We weten dat Marcello schrijver wil worden. Het strand is zoals we zagen voor Fellini altijd de plek van zijn jeugd, de plek waar hij gevoed wordt. Hij zoekt hier inspiratie voor zijn schrijven. Ook dan verschijnt een Anima beeld die hem dit keer wel in beweging brengt.

Hij heeft ruzie met zijn verloofde en wil geen muziek horen. Hij heeft geen inspiratie. Het lukt hem niet om te schrijven. Een blond jong meisje weet hem uit zijn chagrijn te halen door hem te vragen of hij wat wil eten. Zij is degene die hem voedt. Hij vindt haar mooi en lief, “een Umbrisch engeltje”, het is haar onschuld en zuiverheid die hem doet smelten. Alhoewel hij ook twijfelt aan haar zuiverheid. Wanneer hij zegt dat ze knap is en zij dan bescheiden reageert met “dat valt wel mee”, zegt Marcello: “dat zeggen ze allemaal”, daarmee insinuerend dat ze maar een rolletje speelt. Toch wordt hij vertederd door haar puurheid, zozeer zelfs dat hij zijn negatieve stemming vergeet en zijn verloofde weer opbelt.

Dit blonde meisje komt aan het eind van de film weer terug. Hij heeft de nacht doorgehaald en loopt dronken op het strand. Dan staat zij aan de andere kant op een soort zandbank, onbereikbaar en onverstaanbaar door het ruizen van de golven. Ze roept en wenkt hem, maar hij gesticuleert dat hij haar niet verstaat en loopt de andere kant op met zijn gezelschap.

Dit blonde pure meisje is de verhoogde trap kunnen we zeggen van Sylvia. Zij is ook de Aphrodite die uit het water van de zee komt, maar dan in haar meest zuivere vorm. Haar ontluikende seksualiteit maakt haar tegelijkertijd bereikbaar en onbereikbaar. Zij is zijn Anima die hij niet kan bereiken. Het ideale beeld van het vrouwelijke, jong onschuldig en lief. Hier wachtend tot hij naar haar toekomt en wanneer hij niet komt zwaait ze hem uit. Ze oordeelt niet, maar weet dat ze elkaar weer zullen ontmoeten.

In de volgende nieuwsbrief zullen we zien dat hij deze pure Anima weer tegenkomt in de figuur van de mooie Française Claudia Cardinale. Wanneer hij deze film maakt heeft hij een totale writers-block. Hij besluit zijn eigen proces te verfilmen, over een cineast die helemaal vast zit, geen inspiratie heeft en niet meer weet wat hij moet doen. Hij noemt deze film, omdat hij na zijn achtste film komt “8 en ½”, Otto e Mezzo.

Vorige
Vorige

Federico Fellini, zijn eerdere films

Volgende
Volgende

Federico Fellini, Otto e Mezzo